Tagarchief: historie

Historie: De zaak ‘Rietdijk’.

Cultuur filosoof Wim Rietdijk 1927-2020 is op 22 april 2020 overleden.  De laatste jaren leed hij aan Parkinson. We zijn het zeker nooit eens geworden! Maar wat waar is, is waar mede dankzij zijn visie staat handicap als grond van discriminatie wel in het strafrecht. Wim rust zacht. Onderstaand artikel heeft op 16-5-2020 in Het Haarlems Dagblad gestaan. Wat ik goed begrijp is dat zijn dochter hier op reageerde en heb bij haar het volgende bericht op haar Linked Inn gedeeld.

“Beste Candide wens je veel sterkte met het overlijden van je vader Wim Rietdijk. Al hoe wel we de degens gekruist hebben tijdens meerdere uitzendingen en debatten over zijn visie over zijn uitspraken in de Holle diamant. Zijn visie zal ik nooit delen. Maar dat staat los van zijn persoon. Sterkte”

Haarlems Dagblad

Over de doden…
is een rubriek waarin het leven wordt beschreven van onlangs overleden bekende en minder bekende mensen. Weet u iemand die postuum een plek in de krant verdient? Mail dan naar stadsredactie@haarlemsdagblad.nl

Verdediger van euthanasie kan zelf leven met handicap

Voormalig voorzitter Jan Troost van de Gehandicaptenraad zet bij het overlijden van cultuurfilosoof Wim Rietdijk even een aantal emoties opzij. ,,We zijn het nooit eens geworden! Maar mede dankzij zijn visie staat handicap als grond van discriminatie wel in het strafrecht. Wim rust zacht.”Aanvankelijk is Rietdijk als cultuurfilosoof eigenlijk maar in een zeer kleine kring bekend. De theoretisch fysicus en wiskundige schrijft voor Filosofie Magazine wel Een filosofie voor het cybernetisch-biotechnische tijdperk, maar zijn lezerskring is zeer beperkt. En nog steeds, want De Slegte is zijn belangrijkste verkooppunt. De docent aan het Lorentz Lyceum in Haarlem brengt zijn leven in relatieve rust door. Maar op 5 februari 1999 verandert dat op slag. Parool journalist Maurits Schmidt tekent in zijn boek De holle diamant een aantal uitspraken op van Rietdijk. De holle diamant handelt over New Age, de beweging van spiritualisten die ook weer ter ziele lijkt.In het boek stelt Wim Rietdijk dat mensen die geestelijk of lichamelijk onvolwaardig zijn door middel van abortus of euthanasie gedood zouden moeten worden. Rietdijk spreekt over ‘die paar mongooltjes’, die ouders veel leed berokkenen en de maatschappij veel kosten. Ook de veelbesproken bioloog Midas Dekkers laat zich niet onbetuigd met een pleidooi voor ingrijpen in de erfelijkheid door selectie en manipulatie om te voorkomen dat het menselijk ras ten onder gaat. Rietdijk gaat wat verder en namens de Gehandicaptenraad stapt Jan Troost naar de politie om aangifte te doen. ,,Ik was echt geschokt door zijn stelling dat degene bij wie voor of na de geboorte vastgesteld kan worden dat hij geestelijk of lichamelijk inferieur is, gedood zou moeten worden. Historisch gezien lijkt dit op het debat dat in Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog werd gevoerd. Dit kan echt niet, dachten we, daarom stapte ik naar de politie.”Met gevoel voor publiciteit nodigt Troost een cameraploeg van RTL uit om aanwezig te zijn bij de aangifte. De dagen erna breekt er een mediaoffensief los. In kranten en op televisie komt ‘de zaak Rietdijk’ op de voorgrond te staan. De hoofdrolspeler gaat daarbij de confrontatie niet uit de weg. Bij Barend en Van Dorp discussieert hij met Jan Troost.Troost: ,,Iedereen heeft recht op zijn eigen mening maar er zijn grenzen. Daar ging hij overheen. De woorden die hij sprak hadden ook uit Mein Kampf kunnen komen. Ik wilde wel in debat maar kreeg niet het gevoel dat wij een millimeter dichter bij elkaar konden komen. Hij was een volstrekte rationalist die volledig in zijn eigen woorden geloofde.”Ook in Haarlems Dagblad openbaart Rietdijk veelbesproken visies. Bijvoorbeeld over de zorgindustrie die midden vorige eeuw is ontstaan. ,,Progressieven wilden in de jaren dertig en na 1945 wat doen voor zwakkeren. Maar langzamerhand werden er zoveel zwakkeren verzorgd, dat die verzorgingsindustrie een macht op zichzelf werd die voortdurend de lof zong op achterhoedes en onderklassen. Ik constateer dat men van linkse zijde buitengewoon soft is ten opzichte van verloedering. Ik voel voor die achterblijvers niet zoveel. Dat is de reden dat ik zeer positief sta tegenover eugenetica en genetische manipulatie.”De laatste acht jaren van zijn leven wordt Rietdijk zelf getroffen door lichamelijk en geestelijke achteruitgang als de ziekte van Parkinson zich bij hem manifesteert. Jan Troost, die is geboren met een botweefselaandoening, herinnert zich een gesprek: ,,Ik heb daarin tegen hem gezegd: Wat je over het begin van het leven zegt, geldt ook voor het eind. Hij zag het leven met een handicap niet als volwaardig, maar koos daar uiteindelijk zelf wel voor. ​Dat is een beetje triest.

Jacob van der Meulen
Verslaggever Haarlems Dagblad

 

Cultuurfilosoof Rietdijk is overleden.

Op de site van de Landelijke Gehandicaptenraad stond dit verslag over “de zaak Rietdijk” die ik volledig heb overgezet zoals die toen op onze site stond. Voor de volledigheid heb ik delen van de discussie zoals die bij diverse omroepen plaats vond een korte montage gemaakt. 

De aanleiding

Begin februari 1999 besloot de Gehandicaptenraad actie te ondernemen tegen de beledigingen van mensen met een functiebeperking. Al geruime tijd hielden de discriminerende uitlatingen van de natuurkundige en zich cultuurfilosoof noemende Wim Rietdijk de gemoederen binnen de Gehandicaptenraad bezig.

Boekomslag de holle diamant

De holle diamant

Vooral in een vraaggesprek met Parooljournalist Maurits Schmidt, opgetekend in het boek ‘De holle diamant’, beledigt Rietdijk lichamelijk en verstandelijk gehandicapten. In Engeland kwam de bondscoach van het Engelse voetbalelftal in het nieuws met de uitspraak dat een handicap een manifestatie is van fouten begaan in een eerder leven. Leven met een handicap is in deze optiek dus een straf. Hoog tijd kortom om actie te ondernemen. De Gehandicaptenraad besloot aangifte van belediging door Rietdijk te doen bij de politie in Utrecht, en een eventuele maatschappelijke discussie niet uit de weg te gaan.

Utrecht, 5 februari 1999 Persbericht 

GEHANDICAPTENRAAD-VOORZITTER STAPT NAAR DE POLITIE WEGENS BELEDIGINGEN VAN MENSEN MET EEN FUNCTIEBEPERKING

Namens de Gehandicaptenraad gaat voorzitter Jan Troost een dezer dagen aangifte doen bij de politie wegens belediging door de natuurkundige en cultuurfilosoof C.W. Rietdijk. De Gehandicaptenraad is van mening dat er een einde moet komen aan dergelijke grievende openbare uitspraken. Troost voelt zich ook persoonlijk gekwetst door Rietdijks uitlatingen over mensen met een functiebeperking in het boek ‘De holle diamant’ van Maurits Schmidt. Rietdijk beweert hierin onder meer dat mensen die “geestelijk of lichamelijk onvolwaardig” zijn door middel van abortus of euthanasie gedood zouden moeten worden.

Het is een kwalijke zaak dat mensen met een functiebeperking regelmatig het doelwit zijn van belediging of discriminatie. De zaak van de Engelse voetbalcoach heeft velen in Engeland en daarbuiten diep geraakt. Met name op het terrein van de erfelijkheidsleer worden tegenwoordig wilde en grievende uitspraken gedaan. In het boek ‘De holle diamant’ pleit ook de bekende bioloog Midas Dekkers voor ingrijpen in de erfelijkheid door selectie en manipulatie om zo te voorkomen dat het menselijk ras ‘ten onder gaat’. De uitlatingen van Rietdijk in hetzelfde boek gaan echter nog veel verder. Wanneer van iemand voor óf na de geboorte vastgesteld kan worden dat hij geestelijk of lichamelijk inferieur is, dient hij gedood te worden, stelt Rietdijk. Deze absurde selectie van mensen zou men niet aan de ouders van een kind over moeten laten, aldus Rietdijk, maar aan een meerderheid van de bevolking. Ook legt de natuurkundige een causaal verband tussen selectieve abortus en euthanasie en de toename van menselijk geluk.

Deze uitspraken zijn uitermate beledigend voor iedereen met een functiebeperking. De Gehandicaptenraad heeft daarom besloten om een klacht bij de politie in te dienen wegens belediging door Rietdijk, de auteur van bovengenoemde uitspraken. In het strafrecht wordt belediging in artikel 266 omschreven als opzettelijke aanranding van eer of goede naam, op beledigende wijze, onafhankelijk van de juistheid der betichting. De Gehandicaptenraad heeft alle redenen om aan te nemen dat de klacht op grond van dit artikel in behandeling zal worden genomen. 

 De aangifte

Maandagmiddag 8 februari 1999 stapte Jan Troost, voorzitter van de Gehandicaptenraad, daadwerkelijk naar de politie en deed hij namens de Gehandicaptenraad aangifte van belediging van mensen met een functiebeperking.

Politiebureau Utrecht

De politie maakte proces-verbaal op en droeg de zaak over aan het Openbaar Ministerie, dat zal beslissen of het tegen Rietdijk kan gaan procederen. De aangifte in het politiebureau werd gefilmd door een ploeg van RTL-televisie. Troost werd diezelfde middag nog voor de camera’s geïnterviewd. Maandagavond was de aangifte dan ook op de televisie in de nieuwsprogramma’s van RTL. Een kleine mediastorm kondigde zich hiermee aan.

De beledigende uitspraken

In het proces-verbaal moest Troost aangeven welke uitlatingen van Rietdijk beledigend zijn. Hiervoor werd verwezen naar de interviewtekst in ‘De holle diamant’, bladzijden 68 en 69. Daar staat onder meer:

‘Het zou totaal onredelijk en immoreel zijn als er minder ruimte zou komen voor hoogstaande en begaafde mensen, omdat er wat ruimte voor de mongooltjes nodig was.’ Interviewer: ‘Ach, die paar mongooltjes…’ Rietdijk: ‘Dat is ook niet mijn belangrijkste argument. Het gaat ook om het leed dat je ouders ermee aandoet.’

‘Bepalen we ons tot wat nu reëel is, dan zie je categorieën geestelijke en lichamelijke onvolwaardigheid, die soms voor het kind en bijna altijd voor de ouders groot lijden betekenen, en verder voor de maatschappij een heleboel extra (financiële) zorg. En als we dan toch al te veel mensen hebben, heb ik geen enkele morele aarzeling deze kinderen via abortus of later via euthanasie toch te doen inslapen.’

‘(Degenen die de grootste bezwaren tegen euthanasie hebben) zouden zo’n ongelukkige een leven moeten gunnen waarin hij niet zit opgesloten in een totaal onvolwaardige behuizing.’

Uit deze passages blijkt dat Rietdijk stelt dat mensen met een functiebeperking onvolwaardige en ongelukkige wezens zijn, die door aanwezigheid hun ouders leed bezorgen. Om dit leed tegen te gaan, en om wat levensruimte te creëren voor de hoogwaardige mensen (lees: mensen zonder handicap), zou het verstandig zijn vroegtijdig in te grijpen in de zwangerschap of abortus te plegen.

Reacties in de media

Op de dag van de aangifte, maandag 8 februari, was de Gehandicaptenraad zoals gezegd te zien in de nieuwsprogramma’s van RTL. Bovendien haalde het nieuws dezelfde dag reeds een twaalftal kranten. Vanaf die dag werd de afdeling PR & Voorlichting voortdurend gebeld door journalisten uit het hele land. De 9e maakten 22 landelijke en regionale kranten melding van wat ‘de zaak Rietdijk’ is gaan heten.

 

De stroom publiciteit duurt tot op heden. Vanzelfsprekend is daarbij het accent geleidelijk verschoven van actueel nieuws naar uitgebreide reportages en interviews en intellectuele beschouwingen. Vanaf maandag de 8e werd er ‘achter de schermen’ druk overlegd met de redactie van het tv-programma ‘Barend en Witteman’, dat op woensdag 10 februari geheel aan de zaak Rietdijk gewijd zou zijn.

In het programma discussieerden Troost, Rietdijk, een arts en een moeder van een gehandicapt kind onder leiding van Sonja Barend. Ook enkele radiozenders maakten een item of een heel programma over de discussie die inmiddels behoorlijk op gang begon te komen. Bij zijn optredens in de media bleek Rietdijk in het geheel niet van inzicht veranderd, sterker: hij zei zelfs dat het een goed idee zou zijn om de leeftijd waarop men gehandicapte kinderen kan ‘doen inslapen’ vrij te laten tot vier jaar!

Vragen in de Tweede Kamer

De uitlatingen van Rietdijk en de aangifte van de Gehandicaptenraad waren aanleiding voor Kamervragen aan minister Korthals van Justitie. Op een viertal vragen van Kees van der Staaij (SGP) antwoordde de minister dat ook hij wacht op de afronding van het onderzoek van het Openbaar Ministerie. Wel liet hij weten de stelling dat ernstig lichamelijk en geestelijk gehandicapten gedood zouden moeten worden ‘verwerpelijk’ te vinden. Of Rietdijk strafbaar is, of dat het recht op vrijheid van meningsuiting zwaarder weegt, moet worden bekeken. Jan Troost schreef brieven aan minister-president Kok en koningin Beatrix. Hierin legde hij uit dat uit de zaak Rietdijk wederom blijkt dat mensen met een functiebeperking meer rechtsbescherming zouden moeten krijgen. Deze zaak is niet los te zien van het pleidooi voor opname van de grond handicap in artikel één van de Grondwet, het anti-discriminatie-artikel. De aangeschreven personen stuurden de brieven door aan minister Borst en staatssecretaris Vliegenthart van VWS. In meer informele contacten sprak Troost over de affaire met enkele Kamerleden.

Steun voor de Gehandicaptenraad

De Gehandicaptenraad ontving talloze steunbetuigingen van organisaties en (ouders van) mensen met een functiebeperking. Anti Discriminatie Bureau regio Haarlem (Rietdijk woont in Bloemendaal) stuurde een mooie brief en bood hulp aan. De Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN), de Federatie van Ouderverenigingen (FvO) en de Stichting Down syndroom (SDS) traden met de Gehandicaptenraad in contact en brachten vervolgens allemaal eigen persberichten uit waarin zij hun afschuw over de beledigingen uitspraken. Ook de SDS deed aangifte van strafbare feiten, daarbij Rietdijks latere uitspraken bij ‘Barend en Witteman’ betrekkend. De FvO ging zich eveneens bezinnen op het aanspannen van een procedure tegen Rietdijk.

Sonja Barend

In de Pers

Trouw : Gehandicapten klagen cultuurfilosoof aan.9 februari1999

Volkskrant: Abortuspraktijk maakt Nederland rijp voor eugenetica 17 februari 1999

De Groene Amsterdammer: Optimaal geluk 24 februari 1999

Filosofie magazine : Rietdijk wordt niet vervolgt 12 januari 2000

RD.nl: Gehandicapten in discriminatieartikel 17 maart 2000

De stand van zaken

 13 september 1999:

Staatssecretaris Margot Vliegenthart van VWS schreef op 17 augustus in een brief aan de Gehandicaptenraad:

“Het zal u duidelijk zijn dat ik de uitlatingen en opvattingen van de heer Rietdijk met betrekking tot mensen met een handicap volstrekt en met de grootste stelligheid afwijs. Voor zover mij bekend bestaat er voor zijn verwerpelijke uitspraken gelukkig geen maatschappelijke voedingsbodem. Mij zijn althans geen blijken van instemming bekend geworden. Niettemin kan ik mij uw zorgen over de opvattingen van de heer Rietdijk bijzonder goed voorstellen.”
Zij vervolgt met: “Het dilemma voor mij als staatssecretaris bij dergelijke verwerpelijke uitlatingen betreft de afweging tussen wel of niet iets doen. Wat is beter: van overheidswege een discussie te starten of, gelet de aard van de uitlatingen, er het zwijgen toe te doen? Ik constateer dat in de media door ethici, beroepsgenoten en journalisten het gedachtegoed van de heer Rietdijk aandacht heeft gekregen en dat zijn ideeën zijn aangepakt. Daarom lijkt het mij thans niet opportuun van overheidswege het initiatief voor een nadere discussie te nemen.”


Tevens stelt de staatssecretaris dat zij geen voorstander is van het strafrechtelijk sanctioneren van discriminatie van mensen met een handicap.

“Specifieke regelgeving heeft mijn voorkeur en ook die van het kabinet.”

Dit was bekend maar is in het licht van dit onderwerp andermaal diep treurig.

22 oktober 1999:

De Gehandicaptenraad deelt de inschatting van de staatssecretaris niet dat er ‘gelukkig geen maatschappelijke voedingsbodem is voor het gedachten goed van Rietdijk’. Die voedingsbodem lijkt – getuige de volgende opsomming – helaas maar al te zeer aanwezig, en eerder groeiend dan afnemend.
  • In hetzelfde boek van Maurits Schmidt betoogt de van de televisie bekende bioloog Midas Dekker zich voorstander van ingrijpen in de erfelijkheid door manipulatie en selectieve abortus op grond van handicaps.
  • De onlangs in Groningen gepromoveerde ethicus M.J. Zwiers bepleit in dit beslissingsproces een substantiële rol voor de maatschappelijke moraal. De beslissingen over het leven van ‘zwaar gehandicapte’ pasgeborenen moeten niet aan ouders overgelaten worden omdat deze beslissing ook anderen dan de ouders aangaat. Feitelijke medische overwegingen rond de kwaliteit van leven van de baby moeten een rol spelen. Dit standpunt is in lijn met Rietdijk waar hij bepleit de hele bevolking een stem te geven in deze beslissingen.
  • Eerder al deden andere wetenschappers in dit verband soortgelijke uitspraken. In de Volkskrant van 27 augustus 1996 bijvoorbeeld stelt Paul Zwart, natuurwetenschapper en filosoof in een ingezonden brief “De meeste artsen zullen abortus aanraden indien bij onderzoek blijkt dat het embryo zulke ernstige afwijkingen vertoont dat de kans zeer groot is dat het kind ernstig gehandicapt zal zijn. Niettemin blijft de beslissing bij de ouders. Het is volgens mij echter alleen maar een daad van gezond verstand om de vrucht af te drijven, want het bespaart zowel de ouders als het kind hoogstwaarschijnlijk enorm veel leed. De ouders kunnen een nieuwe poging doen en misschien alsnog een gezond kind ter wereld brengen. Een abortus in zo’n geval is echter niet alleen een kwestie van gezond verstand, het is ook een kwestie van moraal. Immers, het wezen van de moraal bestaat uit streven de hoeveelheid leed in onze samenleving te verminderen. (…) Het is een morele daad te voorkomen dat een kind met een ernstig gebrek ter wereld komt, want zo’n gebrek is een bron van leed voor alle betrokkenen. (…) Een legitieme vraag is wel of wij moeten streven naar een samenleving zonder gehandicapten. Op deze vraag kan het antwoord volgens mij ja luiden, waarbij het vanzelf spreekt dat de maatregelen die worden genomen van preventieve aard dienen te zijn. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat gehandicapten worden geëlimineerd, tenzij misschien in het geval van zwaar mismaakte pasgeborenen. Op grond van een te simpele redenering die een leven met een functiebeperking gelijk stelt aan een leven vol lijden en zonder kwaliteit wordt een beslissing tot het geboren laten worden van een baby met een functiebeperking bestempeld als onverstandig en bovendien immoreel.
  • In het boek ‘Het perfecte kind’ van Beker en Kalden (1994) stelt Dr. C.A.M. Jansen
    “Wanneer er een techniek tot je beschikking staat waarmee je een keuze kunt maken tussen een gezond of een fundamenteel niet gezond kind, moet die techniek worden aangewend.”
    Verder noemt Jansen het Down syndroom, de ziekte van Duchenne of het ontbreken van de grote hersenen “ernstige, niet met het leven verenigbare afwijkingen”.
  • Op 4 augustus 1994 werd in een artikel in NRC/Handelsblad over onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau gerapporteerd. Het SCP signaleerde toen, 5 jaar geleden, een toenemende afwijzing door de maatschappij van mensen met een handicap, en vernauwende grenzen van wat als normaal wordt gezien.
    Dit steunt de ervaring van de Gehandicaptenraad dat er in de Nederlandse samenleving sterk de neiging bestaat om een functiebeperking automatisch aan ernstig of ondraaglijk leed te koppelen. Tevens is er in het licht van de zich ontwikkelende medische technologie een afnemende bereidheid om functiebeperkingen of chronische ziekte als onderdeel van het leven te zien. Preventie en selectieve abortus worden in geval van geconstateerde functiebeperkingen meer en meer een geaccepteerde zo niet een logische en toe te juichen keuze. De ruimte voor een vrije keuze en specifiek de keuze om geen prenatale diagnostiek te doen of niet tot selectieve abortus te beslissen komt gaandeweg verder onder druk te staan.

Op dit moment (oktober 1999) ruim acht maanden na de aangifte van de Gehandicaptenraad, is er nog steeds geen uitspraak van het Openbaar Ministerie. Een woordvoerder van de arrondissementsrechtbank te Utrecht liet op 13 september desgevraagd weten dat het onderzoek naar mogelijke strafbaarheid “in een eindfase is beland”. De afhandeling van de zaak neemt veel tijd in beslag vanwege de coördinatie die er plaatsvindt tussen Utrecht en andere arrondissementen waar aangiften tegen Rietdijk zijn gedaan.
Het is duidelijk dat de Gehandicaptenraad zich, ongeacht de uitspraak van het OM, moet blijven inspannen voor betere rechtsbescherming voor mensen met een functiebeperking. Tegelijkertijd kan ook het debat over gentechnologie niet gemeden worden. In dit kader kan nu reeds vermeld worden dat Jan Troost een hoofdstuk zal bijdragen aan een belangrijk boek over medische biotechnologie, dat in april 2000 zal verschijnen. De Gehandicaptenraad wil op het Forum van Leefwijzer (de Internetsite van en voor mensen met een handicap of chronische aandoening) met mensen uit zijn achterban van gedachten wisselen over gentechnologie en ethiek. Meer acties zijn in voorbereiding.

Brief van de Officier van Justitie, 7 februari 2000

De Gehandicaptenraad heeft op 9 februari jl. de volgende brief (gedateerd 7 februari) ontvangen van Officier van Justitie Mw. mr. H.G.M. Rutgers:

Geachte heer Troost,

Naar aanleiding van uw aangifte en latere correspondentie inzake het boek “De Holle Diamant” bericht ik u het volgende.

U heeft destijds in uw hoedanigheid van voorzitter van de Gehandicaptenraad aangifte en klacht gedaan van belediging van gehandicapte mensen, dan wel van uzelf, gepleegd door de heer C.W. Rietdijk. De vraag waar ik mij voor zie gesteld is of de heer Rietdijk ter zake een strafrechtelijk verwijt kan worden gemaakt.

Artikel 266 van het Wetboek van Strafrecht stelt opzettelijke belediging strafbaar. Mensen met een geestelijke of lichamelijke handicap vallen wel binnen de reikwijdte van de bescherming van dit artikel. Of er sprake is van opzettelijke belediging hangt voorts volgens vaste jurisprudentie af van de inhoud van de tekst, de eventuele onderlinge samenhang van de uitlatingen en de context waarbinnen die uitlatingen zijn gedaan. Voorts dient er uit die uitlatingen minachting te spreken ten aanzien van een bepaalde groep.

De bewuste passages in het boek betreffen de term mongooltjes voor mensen met het Syndroom van Down en op pagina 69 van het boek het volgende:

“Een aspect van wat je volgens mij eugenetica kunt noemen, is de overtuiging dat er beperking nodig is van de bevolkingsgroei. Het zou zeer aan te bevelen zijn daar kwalitatieve criteria bij te hanteren. Het zou totaal onredelijk en immoreel zijn als er minder ruimte zou komen voor hoogstaande en beschaafde mensen, omdat er ruimte voor de mongooltjes nodig was.”

“Bepalen wij ons tot wat nu reëel is dan zie je categorieën geestelijke en lichamelijke onvolwaardigheid, die soms voor het kind en bijna altijd voor de ouders groot lijden betekenen, en verder voor de maatschappij een extra (financiële) zorg. En als we dan toch al te veel mensen hebben, heb ik geen enkele morele aarzeling deze kinderen via abortus of later euthanasie toch te doen inslapen.”

Na overleg met het arrondissementsparket te Haarlem en raadpleging van het Landelijk Expertise Centrum Discriminatie ben ik tot de conclusie gekomen dat de gewraakte uitlatingen de grens van strafbare belediging niet overschrijden. Louter het gebruik van het woord “mongooltjes” -een term uit het dagelijks spraakgebruik- geeft namelijk geen minachting weer van de zijde van de heer Rietdijk over de bewuste groep. Evenmin volgt dat uit zijn mening over abortus en euthanasie. De onderlinge samenhang van de passages en de context waarbinnen de uitlatingen worden gedaan, maken de op zichzelf niet beledigende uitspraken, niet alsnog beledigend. De uitlatingen worden immers gedaan in een New-Age-boek in een discussie over normen en waarden.
Binnen een dergelijke discussie bestaat ruimte voor standpunten die niet voor een ieder even aangenaam zijn, hoe kwetsend of onaangenaam een en ander ook moge zijn voor u en de groep mensen die u vertegenwoordigt.

Hoogachtend,

w.g. H.G.M. Rutgers
officier van justitie

Wat gaat de Gehandicaptenraad verder doen? (na de uitspraak van de Officier van Justitie)

De Arrondissementsrechtbank te Utrecht heeft op 7 februari 2000 een uitspraak gedaan in de ‘zaak-Rietdijk’.
De Officier van Justitie vindt dat de uitlatingen van de zich ‘cultuurfilosoof’ noemende C.W. Rietdijk de grens van strafbare belediging niet overschrijden.

De Gehandicaptenraad overweegt nu de volgende stappen:

  • Bij de politiek erop aandringen dat de grond ‘handicap’ in antidiscriminatie-artikel 1 van de Grondwet opgenomen word.

 

  • Actie om de Motie Rouvoet/Van der Staay, die in november door de Tweede Kamer is aangenomen, zo spoedig mogelijk uitgevoerd te krijgen. Deze motie bepleit opname van de grond ‘handicap’ in het Wetboek van Strafrecht.

 

  • Actie om zo spoedig mogelijk een gerichte anti-discriminatiewet gehandicapten in te voeren, vergelijkbaar met de Algemene Wet Gelijke Behandeling (AWGB) die alle levensterreinen bestrijkt.

 

Nieuwe klacht tegen C.W. Rietdijk

(16 maart 2000)

De Gehandicaptenraad dient over enkele weken een nieuwe klacht in tegen de cultuurfilosoof C.W. Rietdijk. Wederom zal voorzitter Jan Troost van de Gehandicaptenraad aanvoeren dat bepaalde uitlatingen van Rietdijk zeer beledigend zijn voor mensen met een handicap. Ook de Stichting Down’s Syndroom (SDS) zal zeer waarschijnlijk een nieuwe klacht indienen.

De nieuwe uitspraken van Rietdijk waarover Troost zijn beklag zal doen, zijn ditmaal niet gedaan in de context van een filosofisch debat over new age. Deze keer betreft het beledigende uitlatingen die Rietdijk deed in een uitzending van het tv-programma ‘Heilig Vuur’, in kranteninterviews en in radioprogramma’s.

Eerder oordeelde de officier van justitie dat de context waarin Rietdijk zijn grievende uitspraken deed, maakte dat er “ruimte [bestaat] voor standpunten die niet voor een ieder even aangenaam zijn”. De nieuwe uitspraken en standpunten van Rietdijk op basis waarvan de Gehandicaptenraad en de Stichting Down’s Syndroom  de cultuurfilosoof vervolgd willen zien, zijn uit een evident andere context afkomstig. Dit maakt de uitlatingen, in juridische termen, tot ‘nieuwe feiten’.

De komende weken zal de Gehandicaptenraad de verschillende uitspraken van Rietdijk nogmaals zorgvuldig bestuderen. In samenspraak met de SDS en een juridische adviseur zal dan een nieuwe klacht geformuleerd worden. Dit betekent dat de vorige klacht als afgesloten moet worden beschouwd.

Geen openbare discussies meer

(20 maart 2000)

De Gehandicaptenraad heeft enige tijd geleden besloten niet meer met de cultuurfilosoof Wim Rietdijk in het openbaar te discussiëren. Een debat met Rietdijk levert geen enkel resultaat op, het leidt slechts tot een herhaling van zetten. De Gehandicaptenraad acht het verstandiger energie te steken in activiteiten ten behoeve van een betere rechtsbescherming voor mensen met een handicap.

Vorig jaar diende voorzitter Jan Troost van de Gehandicaptenraad een klacht in tegen Rietdijk vanwege het beledigen van mensen met een handicap. In maart 1999 heeft Troost enkele malen met Rietdijk gedebatteerd.

Nu, één jaar na de aangifte en de debatten, is de strijd van de Gehandicaptenraad tegen belediging en discriminatie van mensen met een handicap in een andere fase beland. De aanklacht tegen Rietdijk heeft de officier van justitie niet in behandeling genomen. Na juridisch advies ingewonnen te hebben, bereidt de Gehandicaptenraad op dit moment een nieuwe aanklacht tegen Rietdijk voor, waarvan meer succes verwacht mag worden.

Tegelijkertijd blijft de Gehandicaptenraad de Tweede Kamer adviseren om spoedig werk te maken van een betere wetgeving die meer bescherming biedt aan mensen met een handicap. Minister Korthals van Justitie heeft, onder druk van de Tweede Kamer, een wetswijziging aangekondigd die de opname van de grond handicap in het wetboek van strafrecht zal regelen. Dit is een hoopvolle ontwikkeling.

De Gehandicaptenraad is van mening dat het accent in de zaak-Rietdijk nu zou moeten komen te liggen op de consequenties van de discriminatie van mensen met een handicap en op wat we daar als samenleving tegen moeten ondernemen. Aangezien Rietdijk zijn beledigende uitlatingen niet herziet maar juist aanscherpt, is het onverstandig deze vaker over het voetlicht te brengen.

Nawoord

De Kamerleden Andre Rouvoet Christen Unie en Kees van der Staay SGP hebben op 1 oktober 2002 het volgende Amendement ingediend dit nav de zaak Rietdijk. 
De wet van 10 maart 2005 tot wijziging van het Wetboek van Strafrecht in verband met de strafbaarstelling van beledigende uitlatingen en het aanzetten tot haat, discriminatie of gewelddadig optreden wegens een lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap (strafbaarstelling discriminatie wegens een handicap) (Stb. 2005, 111) treedt in werking met ingang van 1 januari 2006.
 
 
 
 

 

 

Gastblog Nina Littel: Historisch onderzoek LHBTers met handicap

Historisch onderzoek naar LHBTers met een handicap: oproep voor interviews

  In de jaren zeventig van de twintigste eeuw groeide het aantal organisaties en initiatieven voor homoseksuele mannen en lesbische vrouwen intensief, en een heuse ‘homobeweging’ kwam op de been, waarbij en waarbuiten ook een grote hoeveelheid lesbische initiatieven bestonden.

Europees congres over homoseksualiteit en handicap. (foto Gon Buurman)

Dit gebeurde in zowel Nederland, als het Verenigd Koninkrijk, en beide bewegingen stonden ook in contact en werden door elkaar beïnvloed. Op hetzelfde moment floreerde er in het Verenigd Koninkrijk een gehandicaptenbeweging, die vocht voor de rechten en emancipatie van mensen met een handicap. Hoewel Nederland organisaties en initiatieven voor mensen met een handicap kende, is het moeilijk om op hetzelfde niveau te spreken van een ‘gehandicaptenbeweging’. Ondanks dat was er wel activisme, en streden er mensen op dit gebied.

Gedurende de late jaren zeventig en de jaren tachtig begon de beweging te diversifiëren, en ontstonden er ook specifieke groepen, bijvoorbeeld een groep voor lesbische vrouwen van kleur. In de jaren tachtig ontstond er ook aandacht voor lesbische vrouwen en homoseksuele mannen met een handicap, hoewel in Nederland deze aandacht begon vanuit de ‘gehandicaptenwereld’, zoals men dat zelf noemde. De SOG-groep van de Gehandicaptenraad richtte bijvoorbeeld een Homoseksualiteit en Handicap werkgroep op. Dit intensiveerde in de jaren negentig, met meer initiatieven en een heus Europees congres over homoseksualiteit en handicap.

Europees congres over homoseksualiteit en handicap.

De onderzoeker Nina Littel

Mijn naam is Nina Littel, en ik volg de research master Geschiedenis, aan de Universiteit Leiden. Voor mijn scriptie onderzoek ik dit fenomeen; de geschiedenis van LHBTI-ers met een handicap in Nederland en Groot Brittannië, in de jaren zeventig, tachtig en negentig. Hierbij ben ik geïnteresseerd in hoe LHBTI-ers met een handicap zich verhielden tot de bestaande homo en lesbische beweging, en tot de gehandicaptenwereld. Ik ben geïnteresseerd in gevoelens van inclusie en exclusie, toegankelijkheid  en mentaliteit. Daarnaast onderzoek ik de initiatieven die genomen werden door LHBTI-ers met een handicap om groepen, informatie of activiteiten voor hun eigen doelgroep te ontwikkelen, en de beweegredenen daartoe.

Voor dit onderzoek maak ik dankbaar gebruik van het bestaande archiefmateriaal, maar deze heeft ook gebreken. Zo zijn alle bronnen gecentreerd rondom lesbiennes en homo mannen met een handicap, maar worden trans mensen met een handicap niet genoemd. Bovendien duidt het archiefmateriaal weliswaar aan dat er initiatieven waren rondom het onderwerp homoseksualiteit en handicap, maar ben ik ook benieuwd naar de impact van deze initiatieven op LHBTI-ers met een handicap zelf.

Hierom zou ik heel graag spreken met mensen uit deze doelgroep; LHBTI-ers met een handicap, die actief waren in de jaren zeventig, tachtig en negentig.

Hoe ervaarden zij de bestaande initiatieven, of het gebrek daaraan?

Hoe voelden zij zich binnen de bestaande LHBTI-beweging, en binnen de gehandicaptenwereld?

Valt u binnen deze doelgroep, en heeft u interesse om met mij hierover in gesprek te gaan, mail dan alstublieft naar nina.littel95@gmail.com!

Ik hoor heel graag jullie verhalen.

Hartelijk dank aan Jan Troost dat ik zijn website en facebook mocht gebruiken voor deze oproep, hartelijk dank aan IHLIA dat ik hun buttoncollectie mocht gebruiken, en hartelijk dank aan Gon Buurman dat ik gebruik mocht maken van haar foto’s.

Button uit de IHLIA-buttoncollectie, waarop in Amerikaanse Gebarentaal het woord ‘DYKE’ uitgespeld wordt.

Button uit de IHLIA-buttoncollectie, waarop handgeschreven ‘deaf lesbian’ staat, met een achtergrond van blauwe stippen.

Een gele button uit de IHLIA-buttoncollectie, met daarop een handgetekende rolstoel, waarboven de tekst ‘rol pot’ staat.

 

 

 

 

 

 

       
       
 

 

“Een beetje toegankelijk” bestaat niet!

 Na 50 jaar toegankelijkheid vanuit ervaringsdeskundigheid komt de stoom uit mijn oren.

Lezers van mijn blog weten dat ik in het algemeen een genuanceerd en vriendelijk persoon ben. Maar zelfs ik ben nu echt over de rooie! Hoe lang blijven we nog aanmodderen in Nederland? Nederland is pas in de jaren zeventig gaan nadenken over de toegankelijkheid van gebouwen en infrastructuur. Toen was het overigens wel nodig dat mensen met een handicap hun plaats opeiste in onze samenleving.

50 jaar toegankelijkheid vanuit ervaringsdeskundigheid

Fysieke toegankelijkheid is in Nederland door de doelgroep al ver doorontwikkeld. De oorsprong ligt in de uitgave ‘Geboden Toegang’ uit 1973 en het Internationale Toegankelijkheid Symbool.

voorkant boek geboden toegang

Geboden toegang 1973

De opvolger is het ‘Handboek voor Toegankelijkheid’.   Vervolgens is door de Gehanicaptenraad, nu Ieder(in), het ITS-Keurmerk ontwikkeld. Hieruit is de Internationale Toegankelijkheids Standaard ITS voortgekomen.

Binnen Europa liepen we voorop.

Het ontstaan is uniek omdat deze praktijkrichtlijnen zijn ontwikkeld door revalidatieartsen, architecten en met de essentiële inbreng van de gebruikers van de voorzieningen, vanuit de uitgangspunten van ‘Niets over ons, zonder ons’ en ‘Design for All’. Nederland liep hierin mondiaal voorop. In de bouwwereld wordt  de ITS gehanteerd door architecten, bouwkundigen, gebouw eigenaren en (rijks)overheden.

De overheid wilde zelfs onder Minister Blok in 2016 de laatste toegankelijkheidseisen uit het bouwbesluit schrappen.

 

Komende donderdag komt de omgevingswet weer in de Tweede Kamer.

Zoals het er nu uit ziet zal er geen afspraak komen over de te hanteren normen en zeker geen wettelijke status krijgen. “Ze zijn inderdaad vrijwillig” wordt er gezegd. Maar ze kunnen wel leiden tot een nieuwe standaard, waardoor bijvoorbeeld een bouwcomplex meer waarde krijgt als het aan die standaard voldoet.

Dus we gaan weer 50 jaar lang polderen tot de dijken een keer doorbreken. Na deze zondvloed worden we wijzer en leren we van de geschiedenis.

Fout besluit, maar wat moet er wel gebeuren?

Maak de toegankelijkheidskwaliteit (ITS) onderdeel van de duurzaamheidsagenda voor de bouw. Hiermee wordt gewaarborgd dat toegankelijkheid van de gebouwde omgeving van essentieel belang is voor de bruikbaarheid van de gebouwde omgeving door iedereen, en het verlengt de gebruiksduur.

3 kernregels zijn essentieel:

  1. Bij nieuwbouw is optimale toegankelijkheid het doel van het gehele pand, dit doe je met het toepassen van de Integrale Toegankelijkheid Standaard.
  2. Als je alleen het publieke deel van een pand toegankelijk maakt dan sluit je feitelijk mensen uit om er te kunnen werken.
  3. Streef bij bestaande bouw een haalbaar (realistisch) niveau van toegankelijkheid na.

Aanpassen achteraf kost geld. Dit hebben we in 1972 al geleerd. Als de Lindenberg in Nijmegen bij de bouw meteen toegankelijk gemaakt was had het uiteindelijk geen 1,8 miljoen gulden gekost maar 300.000 gulden.

VN Verdrag inzake rechten van personen met een handicap!

Stel als Tweede Kamer een heldere eis: ‘In 2020 moet alle nieuwbouw voldoen aan de ITS richtlijnen’

Zo niet, dan houden we hellingbanen die niet voldoen, blindengeleidelijnen die onbruikbaar zijn en rolstoel toiletten waar je geen gebruik van kan maken. We zullen het gebouw voor gebouw moeten bevechten. Regeren is een vooruitziende blik hebben. Doe uw best!

Voor ik de pijp aan Maarten geef (foto Jan van Teeffelen)

Zo, dat ben ik effe kwijt. Ik hoop oprecht voor dat ik de pijp aan Maarten geef, dat de wijsheid doordringt! 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ik kan wel janken!?(deel 2)

Historie daar is waar ik me de laatste tijd mee bezig houd. Historie over bijna 45 jaar dat ik actief ben in de belangenbehartiging. Samen met velen uit onze achterban. Na het digitaliseren van deze oude band realiseerde ik me hoeveel er van onze makkers inmiddels de strijd hebben moeten opgeven. Door ziekte, frustratie of omdat ze veel te jong zijn overleden. Zoals Luc Houx, Yvon Bakker, Michelle Gooren, Hinke Zijda en vele anderen. Ja, ik geef toe, soms kan ik wel janken. In de historie zie je telkens keer weer dat wanneer  het met de economie slechter gaat, onze achterban het haasje is. 

TV beelden in historisch perspectief

Uithuilen

Mijn moeder gaf me altijd een kop soep als er weer een kameraadje was overleden op de Mytylschool. Daar heb ik geleerd om gewoon door te gaan. Voor die mensen die denken dat ik het opgeef na het kijken van deze oude beelden, vergeet het! Natuurlijk niet, maar dat mensen uit onze achterban het soms het strijden  moe zijn,  snap ik echt. Gisteren had ik zo’n moment. De angst sloeg me op het hart. Ik zit in de WW nog 3 maanden en dan………..?

Slapen in de bus

Het zal toch niet zo zijn dat ik dadelijk in mijn mooie nieuwe bus moet gaan slapen, omdat onze rolstoel aangepaste huis in de verkoop wordt gezet door de bank, die mede verantwoordelijk is voor  de crisis. Rijden met de bus kan ik dan ook niet meer, diesel is niet te betalen en mijn verzekeringspremie is verdubbeld omdat ik de aanpassingen tegenwoordig mee moet verzekeren. Maar slapen kun je er wel in, matrasje,  en er zit gelukkig een standkachel in!

Pensioen

Mijn “grote vriendin Jetta Klijnsma” en haar Rechtse Kabinet heeft voor ons bepaald dat ik de komende 10 jaar nog moet werken om daarna van mijn pensioen te gaan genieten!

De dokter

Met dat laatste heb ik me overigens nooit bezig gehouden want de dokters hebben altijd gezegd dat ik niet ouder zou worden als 28. Het hebben van een handicap vraagt veel energie. Gelukkig ben ik gezegend met het feit dat ik (nog) geen energetische beperking heb.

Nu maar hopen dat het zo blijft!

Gelukkig

Maar gelukkig vannacht goed geslapen en weer opgestaan met vernieuwde energie. Ik heb veel steun van Paula en de kinderen. Vandaag  contact met Administratiekantoor Floor Luiten in Nijmegen en met Ruud van de Broek om te kijken of een eigen bedrijf tot de mogelijkheden behoord.  Mede n.a.v. dit overleg besloten om me in te schrijven bij de Kamer van Koophandel. Net gedaan, houdt jullie op de hoogte. De namen waar ik onder te vinden ben zijn: Troostoverleven en Inclusie Verenigt

Ik hou jullie op de hoogte!

Gastblog Tom Stobbelaar: Overvloed en Onbehagen.

Het beste boek over onze Vaderlandse geschiedenis is misschien geschreven door een buitenlander: Simon Schama. 

De titel: Overvloed en Onbehagen.

Dat boek ging over Nederland in de 17e eeuw.  Maar de titel had van nu kunnen zijn: overvloed en onbehagen.

Overvloed en onbehagen

Overvloed en onbehagen


Een van de rijkste landen ter wereld, Nederland, kent een hoop onbehagen.  Onbehagen over de werkgelegenheid, over het aantal buitenlandse vluchtelingen, over het aantal buitenlandse werknemers en over de Europese bemoeienis met dit lage land aan de zee.

Geert Wilders

Geert Wilders heeft deze onderwerpen bij de kop gepakt. Niet om ze op te lossen, of te verzachten, maar om er kiezers mee te winnen. Dat is zijn goed recht: hij is tenslotte geen bestuurder – en hij wil dat waarschijnlijk ook niet worden. Hij wil alleen zoveel mogelijk kiezers. En daarna.., er is geen daarna. Geen macht, hooguit invloed, stemmingmakerij, door het aantal kiezers.

Coalitieland

Nederland is immers geen Amerika, Nederland is een coalitieland; al haalt Wilders 40 zetels, regeren zal hij niet. Sterker nog: hoe meer zetels hij zal halen, des te geringer wordt zijn kans om mee te regeren. Want welke andere partij gaat zijn vingers branden aan de hitte van het platvloerse populisme van Wilders?

wilders-in-tweede-kamer

Wilders in Tweede Kamer (foto jan troost)

Wilders begrijpt het onbehagen van Nederland. Maar wat hij niet begrijpt is het compromis-karakter, het on-revolutionaire karakter van ons land. Nederlanders toeteren de hele dag, maar ’s avonds – aan de bloemkool – sluiten ze het compromis. Wilders zal dit land dus nooit besturen.

Dat wil niet zeggen, dat het getoeter en geblaat van Wilders niet bestreden moet worden door iedereen die onze parlementaire democratie en onze rechtstaat nog steeds een warm hart toedraagt.

Stemmingmakerij

Geert Corstens, oud-president van de Hoge Raad, is onomwonden als het gaat om de aanslag die Wilders pleegt op onze rechtstaat: “Wilders maakt stemming tegen de rechters, doet alsof ze hem al veroordeeld hebben. Daarmee zet hij de bijl aan de wortel van de rechtsstaat.” ” zegt hij in een interview met het AD.


Simon Schama, de schrijver van Overvloed en Onbehagen, liet zich interviewen door Nieuwsuur over het opgekomen populisme in de VS, in Europa en in Nederland.

Hij zei: “Fascism has many forms, so take a side and walk out into the public realm.”
Kortom: fascisme heeft allerlei gezichten, bepaal je standpunt, en spreek je uit.

Ik zeg dan: als je Nederlander bent, en je de parlementaire democratie en de rechtsstaat een warm hart toedraagt, spreek je uit, tegen Wilders. Spreek je uit op facebook, op een verjaardag, of tijdens het kerstdiner, ook al zijn er geen oesters als op bijgevoegd schilderij uit de 17e eeuw.

Tom Stobbelaar

Tom Stobbelaar

Tom Stobbelaar is theatermaker

en ex-docent geschiedenis.

Erfelijke Aandoeningen: het cliëntenperspectief.

In 2000 ben ik gevraagd om als Voorzitter van de CG Raad om een hoofdstuk te schrijven voor het boek Medische Biotechnologie (ISBN 9035223101). Nu, bijna 16 jaar later, wil ik dit graag met jullie delen. Ik sta nog steeds achter wat ik toen geschreven heb.

jan troost

jan troost 1958

 

Loader Loading...
EAD Logo Taking too long?

Reload Reload document
| Open Open in new tab

Jan Troost 1 april 2016

Oorgetuigeverslag van Broeder Tuck

Lancering www.aparticipatie.nl , 14-01-2015.

Broeder Tuck ontving een uitnodiging om de lancering van de website aparticipatie.nl bij te wonen.

Broeder Tuck

Broeder Tuck

Indringend

De verhalen zijn persoonlijk, ontroerend, schokkend en indrukwekkend. De getuigenissen gaan over het leven in het internaat, maar daarnaast ook over wonen en werken, over persoonlijke onderwerpen, religie en relaties, over maatschappelijke strijd, protest, emancipatie en participatie. Kritiek op de tijdgeest van toen wordt niet geschuwd.

Belangrijke boodschap

Hoe kijken de oude internaatbewoners nu aan tegen hun eigen participatie? En wat geven zij jongeren – met en zonder handicap – mee voor de toekomst? De verhalen kweken bewustwording en begrip.’  Daar is niets aan toe te voegen.

Wat een project!

Het wordt  een bijeenkomst waar je warm van wordt.  Allereerst alleen al om de mensen die van heinde en verre gekomen zijn. Cabaret De Gemeentereiniging opent de bijeenkomst op de hun kenmerkende wijze en kondigt aan dat Jan vanmiddag gelanceerd wordt.

Jan praat met verschillende mensen wier verhalen op de website staan.

Jan van Slochteren

Jan van Slochteren

Gerda Polman

Gerda Polman

 

 

 

 

 

 

Waarom?

Onderwerp is regelmatig hoe hij de mensen zo gek heeft gekregen om mee te doen. Maar ook de pijn, de groei en de kracht die uit de verhalen van de mensen op deze website spreekt. Bijzondere gast, en wel de oudste, is mevrouw Lily Otermann ,  gepensioneerd docente op de Sint Maarten School, waar nu deze bijeenkomst plaats vindt. De jongste aanwezige is Jeske, dochter van Jan en Paula. Of eigenlijk is de jongste haar kersverse hulphond: Daan.

Dan gaat de website on line

Getoond wordt de promofilm. Deze is al zo indrukwekkend, dat als we straks thuis de volledige interviews gaan zien ons nog heel wat te wachten staat. Diep geroerd hoort Broeder Tuck de pijn, de kracht en de overlevingskunst van deze mensen die het maar te doen hadden, veelal vanuit een vervreemdende absurde situatie.

Cabaret De Gemeentereiniging brengt hun Aparticipatielied ten gehore.

Het Aparticipatielied Tekst en muziek Tom Stobbelaar.

Het Aparticipatielied
Tekst en muziek Tom Stobbelaar.

 

Dat  moet wel een tophit worden, want de hele problematiek wordt er scherp, in een paar woorden, uitgedrukt.  .

Verder dient vermeld dat de feestelijke met advocaat gevulde bonbons wel heel erg lekker zijn!

 

 

Broeder Tuck

‘De website publiceert videoverhalen met ervaringen van gehandicapte jongeren die soms meer dan twintig jaar weggestopt in een internaat leefden’.

Een groep mensen van de St. Maartenskliniek, 1949  visite kaartje

De website  biedt een blik op een tijd waarin het gewoon was mensen met een handicap buiten de maatschappij te houden. Tot begin jaren tachtig van de 20e eeuw woonden zij vaak apart in internaten; instellingen voor blinden en slechtzienden, lichamelijk gehandicapten, doven en slechthorenden en verstandelijk gehandicapten. Het vastleggen van persoonlijke verhalen en het archiveren van beelden zijn van groot historisch belang. Zeker nu steeds meer internaten verdwijnen.

Maar de website geeft ook inzicht in de praktisch nooit eerder gehoorde strijd die in de bossen is begonnen: de bewoners van toen begonnen daar met hun emancipatiestrijd en legden daarmee de basis voor  participatie van mensen met een beperking in de samenleving. Het waren deze mensen die zich er hard voor maakten om een eigen leven te kunnen leiden en onafhankelijk te zijn.

Van Apartheid naar Participatie: Aparticipatie!

 

Aparticipatie.nl GEPRESENTEERD!

Deze unieke website bevat indringende videoverhalen en beeldmateriaal over het leven in gehandicapteninternaten in de vorige eeuw. De website is een project van Aparticipatie, de beweging van mensen met een handicap die vanuit het apartheidsdenken onderdeel van de samenleving wilden uitmaken. In de vorige eeuw (vanaf jaren dertig tot begin jaren tachtig) was het in Nederland volstrekt normaal dat kinderen en jongeren met een handicap buiten de samenleving woonden. Zij groeiden apart op in instellingen, vaak in bossen en duinen – vooral ver van de ‘bewoonde’ wereld. In instellingen voor blinden en slechtzienden, lichamelijk gehandicapten, doven en slechthorenden en verstandelijk gehandicapten.

Radio intervieuw de ochtend 14 januari 2O15

Radio intervieuw de ochtend 14 januari 2O15

Interview met Jan Troost over de nieuwe website.

http://m.radio1.nl/mobiel-radio1/gemist/fragment/171574

 

Begin emancipatiestrijd

Het is in deze instellingen waar destijds de emancipatie is begonnen. Vol idealen en met veel energie zijn bewoners – vaak samen met medewerkers uit de instellingen – de strijd aangegaan om het recht en de mogelijkheden te krijgen voor hun participatie in de Nederlandse samenleving. Om een eigen leven te leiden. Onafhankelijk te zijn. Van Apartheid naar Participatie: Aparticipatie! De website laat o.a. zien hoe de emancipatiestrijd ontstond. De persoonlijke en vaak onvoorstelbare verhalen kweken bewustwording en begrip voor de wens van een inclusieve samenleving en de kennis die daarbij nodig is.

Historisch belang

De succesvolle emancipatiestrijd heeft ertoe geleid dat veel instellingen inmiddels zijn gesloten of gaan sluiten. Daarmee wordt een tijdperk afgesloten. Als de mensen die daar geleefd en gewoond hebben er niet meer zijn, verdwijnen ook veel waardevolle en bijzondere herinneringen.

Internaat Sint Maartenskliniek Nijmegen

Internaat Sint Maartenskliniek Nijmegen

Het doel van ‘Aparticipatie’ is om hun verhalen en het vaak unieke beeld- en fotomateriaal van het internaatsleven te behouden. Een belangrijk historisch en waardevol document voor huidige en volgende generaties. Zonder historie geen toekomst!

Ieder(in), Pieter Reintjes (WorkyWords) en Jan Troost (Terug naar de bossen) zijn de initiatiefnemers van het project.

Eén van de inspiratiebronnen is het indrukwekkende werk van de Shoah Foundation van Steven Spielberg. Spielberg legde 51.696 videogetuigenissen vast van overlevenden van de holocaust. De eerste opnames met oud-bewoners van de Sint Maartenskliniek zijn onlangs gemaakt. Dit Nijmeegse internaat is inmiddels verdwenen.

 

Aparticipatie: Droom komt uit!

Op 14 januari 2015 starten we met onze nieuwe website: Aparticipatie.nl.

Aparticipatie is de beweging van mensen met een handicap om van uit het apartheidsdenken weer onderdeel van de samenleving te zijn. Mensen met een handicap hebben tot eind jaren zeventig, begin tachtig, in internaten in de bossen en duinen van Nederland gewoond. Daarom ben ik heel blij dat een droom van mij eindelijk uitkomt!

Koningin Juliana op bezoek bij de Scouting van de Sint Maartenskliniek

Koningin Juliana op bezoek bij de Scouting van de Sint Maartenskliniek

Historie

Een website waarin de jongeren van toen, die soms meer dan twintig jaar in een internaat woonden, hun eigen verhaal vertellen. Daar droomde ik van. De verhalen en beelden van mensen die ooit in de bossen hebben gewoond, zijn namelijk van groot historisch belang. Zeker nu steeds meer oude instellingen verdwijnen en daarmee heel veel beeld- en fotomateriaal. De mensen die daar geleefd en gewoond hebben, zijn inmiddels ouder. Als zij overlijden, verdwijnen er heel veel waardevolle en bijzondere herinneringen. Deze verhalen willen we op video vastleggen voor de volgende generaties.

Aparticipatie

De vast legging is eveneens belangrijk, omdat de emancipatiestrijd is begonnen in deze instellingen. Met een blik in het verleden en beelden uit de tijd, waarin het gewoon was mensen met een handicap buiten de maatschappij te houden. Zij werden apart geplaatst in instellingen voor blinden en slechtzienden, lichamelijk gehandicapten, doven en slechthorenden en voor verstandelijk gehandicapten.

Opname video Aparticipatie. Jan van Slochteren hij zou maar 18 jaar worden werd hem verteld!

Opname video Aparticipatie. Jan van Slochteren hij zou maar 18 jaar worden werd hem verteld!

Daar, en nergens anders, is de strijd begonnen met de grote wens om vanuit apartheid te participeren in de maatschappij. Aparticipatie! Hoe kijken de oude internaatbewoners nu aan tegen hun eigen participatie?

Zonder historie geen toekomst!

Ieder(in), gehandicaptenschrijvengeschiedenis.nl, Pieter Reintjes (WorkyWords) en Jan Troost (Terug naar de bossen) zijn de uitdaging aangegaan en de eerste opnames zijn gemaakt. We zijn begonnen met oud-bewoners van de Sint Maartenskliniek en zijn nog op zoek naar bewoners van Blindeninstituut Sint Henricus. Beide Nijmeegse internaten zijn inmiddels verdwenen.

Gezocht

We zijn voor de volgende serie steeds op zoek naar oud-bewoners die bereid zijn hun verhaal te vertellen. Ook oud foto-en filmmateriaal of verhalen van medewerkers zijn bijzonder welkom.
Ook bewoners van andere internaten die tussen 1938 en 1981 daarin hebben gewoond, willen we vragen om zich al vast te melden.

Aparticipatie@gmail.com

Jan Troost
* Mijn inspiratie is ingegeven door het indrukwekkende werk van de Shoah Foundation van Steven Spielberg. Hij legde wereldwijd 51.696 getuigenissen op video vast van overlevenden van de holocaust.

Sint Maartenskliniek 1971-1979 Het avontuur kan beginnen! Deel 2.

Vandaag hebben mijn ouders me naar de Maartenskliniek gebracht. Bij het afscheid geef ik mijn moeder een kus en mijn vader een hand.  Pasja onze hond, geef ik nog een aai over zijn kopje en geef hem aan mijn ouders mee.

foto jan met hond pasja

Breng Pasja, onze hond naar de auto van mijn ouders.

Ik zwaai naar de wegrijdende Mercedes, waarin pa en ma vertrekken. Pas over een maand zal ik ze weer zien, als ik het weekend naar huis mag. Nu begint mijn leven binnen de muren van een internaat in Nijmegen pas echt.  Als 12 jarige jongen vecht ik  tegen de kleine traan, die langzaam over mijn wang loopt. Ik verman mezelf en denk nog even terug aan de de vleeskeuring  van de dokters, die ik net achter de rug heb. Erger zou het niet kunnen worden, of wel?? Van nature ben ik altijd een positief mens. Ik geloof in het leven! Maar was er van overtuigd  dat je maar beter uit de handen kon blijven van de witte jassen (de dokters). Als dat gaat lukken kan het hier best nog  leuk worden.

De school gaat uit

Rond etenstijd lopen we (als rolstoelgebruiker  geef ik hiermee het tempo aan) terug naar mijn nieuwe huiskamer, samen met de blonde heks.
In de verte hoor ik een bel , later zou blijken de schoolbel van de Maartensschool.
Ik kijk naar buiten en zie dat er een groep van mank lopende kinderen, recht op de deur van onze flat af komt rennen. Met stokken van hout of ijzer. Klein en groot door elkaar, daarna allerlei verschillende rolstoelen. Daarachter, de mensen in bedden met angstaanjagende stellages. Zoals ik die ook nog wel kende  uit het Gemeente ziekenhuis in Dordrecht. De invasie is begonnen. Ik rij met mijn rolstoel achter een pilaar om de meute langs me te laten rijden! Want ik had het gevoel, dat ze anders dwars over me heen zouden denderen. De groep verspreidde zich over de drie wandelgangen.

De flat

De benedenverdieping van de flat van de kinderrevalidatie bestond uit 4 gangen, die in een vierkant waren gebouwd. In het midden een binnentuin, met een oranje pierenbadje. Ooit geschonken door de plaatselijke Snackbar Groenen in Nijmegen. Je had de Dokter Bare straat, waar ik woonde in kamer 3. De kamers 1,2,3 en 4 waren de leefgroepen voor de wat oudere revalidanten. Als je uiteindelijk kamer 1 bereikt had, werd je kort daar op vrij gelaten. De deur van het reservaat ging dan open. Maar, dit zou nog een dikke 6 jaar duren.

Kamer 3

Tussen de twee kamers 3 en 4 in had je de theekeuken, verboden terrein voor ons. Dit was het domein van de groepsleiding. Het mengen van de twee huiskamers was uitdrukkelijk niet de bedoeling. Wij moesten als gezin samenleven in onze eigen kamer met onze vier moeders. De prinses Margriet straat ( Prinses Margriet had de flat in 1965 geopend) hier waren de dagverblijven van de kinderen tot 12 jaar. In de Dwarsgang zaten de kleintjes soms zelfs kinderen van 1 1/2 jaar oud. In iedere groep werkten 4 kinderverzorgsters en later groepsleidsters. Met 120 kinderen zaten we in de zogeheten laagbouw.

Onze slaapkamers

Onze slaapkamers bevinden zich op de eerste, tweede en derde verdieping. Ook hier is een heldere indeling, de kleintjes slapen als je de lift uitkomt rechts. In twee grote slaapzalen. Twaalf jongens en twaalf meisjes, gescheiden van elkaar. Iedere slaapzaal heeft een eigen badkamer en wc. Aan de linker kant waren twee kamers voor de jongens met ieder drie bedden, drie kasten en drie wastafels. Boven het bed hing een lampje en de alarmbel.

foto onze slaapkamer derde verdieping flat

Pieter T maakt foto van de nieuwkomer op onze slaapkamer

Daarna kwam de kamer van de non die ons s ’nachts  in de gaten moest houden. Nonnen van Barmhartigheid die het beste met ons voor hadden, maar die je wel goed in de  smiezen  hielden. Daarnaast twee kamers voor de meisjes. Vanaf de eerste dag wordt ons helder gemaakt, dat wij, de jongens, zich niet in dit gedeelte mogen ophouden. Dat is verboden gebied. Helemaal aan het einde van het verboden gebied is het washok. Daar mogen we niet komen. Ons wasgoed moeten we iedere morgen naast de deur leggen en dan komt het van zelf weer terug in onze kast. Wie de kabouter is, die dit altijd deed weet ik anno 2013 nog steeds niet ik heb hem of haar nooit gezien! Op de hoogste verdieping, de vierde, hier wordt door mijn nieuwe kamergenoten met een heilig ontzag over gesproken. Want daar was de ziekenboeg. Als je hier werd opgenomen is dat geen goed teken! Wim mijn kamergenoot wilde mij als broekie wel even bang maken. Hij vertelde me dat velen na de ziekenboeg, in het lijkenhuisje terecht kwamen. Vanuit onze slaapkamer op de derde verdieping keken we hier op uit. Op de kinderafdeling in het oude Gemeenteziekenhuis had ik uitzicht op de Katholieke begraafplaats. Dus ik ben wel wat gewent. Maar hij vertelde me ook nog, dat als het lampje boven de deur van het lijkenhuis brandt er weer iemand was overleden. Dit lampje heb ik daarna nog vaak zien branden. Iedereen doet zijn uiterste best om niet in de ziekenboeg terecht komen fluisterde hij me in het oor.

foto Uitzicht vanuit onze slaapkamer op het lijkenhuisje!

Uitzicht vanuit onze slaapkamer op het lijkenhuisje!

Vanuit de vierde verdieping, de ziekenboeg, doet de nachtzuster  s’ nachts haar ronde over alle vier de verdiepingen. Een nachtzuster voor 120 kinderen, kan me niet voorstellen dat dit nu nog zou mogen…..!

De reuma afdeling.

In het souterrain is de kinder-reuma afdeling ondergebracht. Deze afdeling was hermetisch afgesloten van de buitenwereld. Hier mochten we onder geen beding komen, hier heerste rust, reinheid en regelmaat. De therapie bestond uit goudinjecties en bedrust, absolute bedrust en wij mochten die rust niet verstoren. Wie aan reuma lijdt, moet veel rust hebben, luidde de redenering.  In de acute fase was volledige bedrust noodzakelijk volgens de deskundigen. Als de ziekte minder actief was, mochten de jongeren een deel van de dag opstaan. Zij moesten dan wel op de afdeling blijven. Om ernstige contracturen, met name aan de knieën, weg te nemen rekte de orthopeed de gewrichten onder narcose op. Vervolgens werden de benen zo recht mogelijk in gegipst. De jongeren die hier voor in aanmerking kwamen kregen een goudinjectie in de bilspier. Dit edelmetaal gold op dat moment als een van de meest werkzame medicamenten bij reumatoïde artritis. Soms was het effect spectaculair maar op langere termijn  nam de werking af. Later bleek dat er ook veel bijwerkingen waren aan huid, lever en nieren. Met een ijzeren discipline bestierde zuster G…. ,door ons ook wel Opper non genoemd, de afdeling. Ondanks de angst om betrapt te worden terwijl we contact legden met de jongens en vaak leuke meiden, deden we dat natuurlijk wel! Door de leiding werd ons duidelijke gemaakt dat we dan het risico liepen van het  internaat verwijderd te worden.

Een gewaarschuwd mens telt voor twee.